maandag 14 maart 2016

Parijs en onderweg naar huis

donderdag, 10 maart

Muurschildering bij het schip
Niet iedereen ging mee met de trein van Parijs naar de school in Harlingen. Sommigen verlieten ons onderweg. Steenwijk, Leeuwarden, Franeker, het station van Harlingen en dan rechtstreeks naar huis. De mannen die hier bleven slapen werden door de boots met open armen ontvangen. En na een bakje koffie ging ik naar huis, moe, maar met een glimlach om mijn lippen.
Maar nu loop ik op het verhaal vooruit. We hadden natuurlijk nog bijna een hele dag te goed in Parijs. De mannen stelden zelf voor om op tijd op te staan, te ontbijten en dan de metro in te gaan. De tassen waren al ingepakt en de hutten gepoetst.
Hiermee willen we de HT graag roeien
Helaas grepen we de verkeerde metro, en om te voorkomen dat we weer een flink stuk moesten lopen stapten we zo dicht mogelijk bij het Maritiem Museum uit. Dat was toch nog een heel stuk wandelen, en met de 20 km van de dag ervoor in de benen deden de jongens het een stuk beter dan uw verslaggever.
Het Maritiem Museum gaf de leerlingen gratis entree. Dat was weer een hele meevaller ten opzichte van de Eiffeltoren gisteren. De scheepvaart van de Romeinen tot en met de containerschepen werd besproken. We zagen meerdere Ramneuzen en er was een ruimte waar ze modellen maken en restaureren, ook hebben we een aanvulling gevonden voor ons sloepenbestand in Harlingen.
Op de terugweg heeft Thijs ons kennis laten maken met Crèpes, menigeen heeft zijn mond verbrand aan de vulling die varieerde van Nutella tot frambozenjam. Maar lekker waren ze zeker. Het goede metrostation bleek letterlijk naast de deur te zijn, samen met de brievenbus voor de ansichtkaartjes naar huis en naar school.
Op de weg naar boord hebben we inkopen gedaan voor de terugweg, hoofdzakelijk snoep en Cola. Eenmaal aan boord had Philippe voor ons de lunch klaar staan en maakten we broodpakketjes voor onderweg naar Nederland met zalige Franse vleeswaren en stokbrood.
Tukken in de trein, ieder op zijn eigen manier
De trein ging 17:16, we waren iets te vroeg, maar we wilden het risico niet nemen om te laat te zijn. Pascal ging met ons mee in de Metro, en heeft ons op het perron afgeleverd.
De trein ging snel, voor we goed en wel geïnstalleerd waren met onze voorraden, konden we weer inpakken om over te stappen in Brussel. En voor we daar geïnstalleerd waren hadden we de grens bereikt en kon iedereen internetten. Rotterdam, de trein naar Leeuwarden en de laatste trein naar Harlingen, een hele zit, lekker getukt.

woensdag 9 maart 2016

Parijs

woensdag, 9 maart
Ramero heeft fantasiën over het beklimmen van de Eiffeltoren als King Kong. Met de regen van vanmorgen en de enorme wind begrijp ik dat wel, een apepakje is geen overbodige luxe.
De bovenste verdieping van de toren was gesloten, toch hebben we het gewaagd om naar boven te gaan. Ontzettend, wat een regen, het was koud en nat, maar toch enorm de moeite waard.
We hebben een heel rondje op de tweede verdieping gelopen, alle windrichtingen gevoeld en de omgeving gescand. Met de trap naar beneden, hetzelfde rondje nog eens, maar dan dat meer beschermd door de windschermen. De souvenierwinkel op de toren was twee keer zo duur als die aan de voet van toren, dus hebben we die bij de voet leeggekocht en mooie herinneringen opgehaald. Daarna naar de eerste verdieping, de beweging van de lift verraste ons toch weer, omdat hij niet alleen zakte maak ook scheef ging langs een poot van de toren. Snel steun zoeken bij een handgreep.
 
Eenmaal op de eerste verdieping, bekijken we in een filmzaal zonder stoelen een film over de toren, en, is er een lunchroom, daar gaan we aan de capuccino, koffie en warme chocomel, met een chocoladecroissant. 
Opgewarmd en voldaan van alle indrukken gaan we naar beneden en lopen richting de Arc de Triomphe. Gelukkig vinden we de tunnel naar het kolossale bouwwerk voor we ons te pletter laten rijden op de rotonde aldaar.
Een kunstenaar in de tunnel trekt onze aandacht, met prachtige potlood-en olieverftekeningen. Thijs zou eigenlijk graag terug gaan om een schilderij te kopen.
Je raadt het nooit, de zon breekt door en we wandelen verder naar de Champs Elysee. Een souvenirwinkel verblijden we met de aankoop van ansichtkaarten, het stopt met regenen. We zijn in de showwinkels van Peugeot, Mercedes en Toyota geweest, hebben gegeten en geïnternet bij de Mac, en een horloge gekocht bij de Swatch.                 
Lieuwe had voorraden ontvangen voor een bezoek aan de Moulin Rouge. Dat was een flinke tippel, drie kwartier bergopwaarts. Maar het bezoek was een succes, de missie geslaagd, al kwamen we niet verder dan de voordeur, gelukkig.


Gewapend met een dagkaart voor de metro voor vandaag en morgen, zoeken we de Metro weer op. Na wat gepuzzel staan we uiteindelijk op het goede perron. In Stalingrad willen we overstappen, maar niet voordat we wat gedronken hebben in een café. We kijken wat rond en komen in een Noord Afrikaans café terecht. De knoflook en de pepers worden voor ons van tafel gehaald, de tafels gepoetst en we mogen straks met de PIN betalen. (Pfoe!) De bestelling luidt, 10 cola en een Cassis.
De cola wordt door de dochter in de supermarkt om de hoek gehaald, we krijgen allemaal een flesje van een halve liter. Voor de cassis wordt speciaal een mix gemaakt,'sans alcohol'. Moeder, ze heet al snel Beppe, gaat verder met het maken waar de mee bezig was. Sardientjes voor onder de grill, gevuld met peterselie, knoflook, olijfolie, pepers en olijven. Even onder de grill tot ze bruin zijn, gewoon blijven kijken zegt ze. 'Pake' is zeer geïnteresseerd in wat we doen en waar we vandaan komen. We kunnen ons allemaal voorstellen dat dit onze stamkroeg, cq eetcafé wordt, het voelde heel huiselijk aan.
We hebben 20 km gelopen, nog wat getramd, Abdi kwijt geraakt en gelukkig weer gevonden, al met al een fijne dag.





Ecluse de Verberie-Parijs

Dinsdag, 8 maart

Indernationale vrouwendag. Pascal en Bejamin moeten er hartelijk om lachen, in België is het elke dag vrouwendag zeggen ze! 
Philippe maakt vandaag zijn specialiteit klaar in de kombuis. En dus zit de binnenploeg beneden piepers te jassen. Of te wel 'des patates' en dat worden straks 'frites'. Voor het recept worden ook spekjes uitgebakken en gisteren heeft hij al gehaktballen gemaakt, elke bal nauwkeurig afgewogen zodat niemand het risico loopt een te kleine bal te krijgen. 
In de stuurhut heeft Dylan de handen vol aan voorstrooms de 'Provence de Liège1&2' op koers te houden. We lopen 14 km/uur en schieten lekker op. Voorstrooms is het best lastig om niet te vroeg en zeker niet te laat de bocht in te sturen.
En dan heb je ook nog de opvaart die opeens in de binnenbocht te voorschijn kan komen. In Frankrijk is AIS niet verplicht en dus weet je nooit wat je verwachten kunt.
Lieuwe neemt het roer over. Net nu de bruggen een beetje tricky worden. De pijlers, en dat is al lastig genoeg, steken ook nog eens onder water uit, normaal kun je dat zien, maar nu de rivier zo hoog staat is dat een onzichtbaar gevaar. De sluizen hebben nog maar een verval van enkele decimeters. Een makkie als je de tros in de gaten moet houden. Zeker vergeleken met de sluizen die een 'chute' van 13 meter hadden.

Het valt op dat de jongens een grote behoefte hebben om te leren. Ze hebben dan ook zwaar de balen als het touwtje niet om de bolder gaat of als ze het niet van een muurbolder af krijgen. Ondertussen is het woordenboek NL-FRA het meest gelezen boek. Ze oefenen veel, en praten soms beter Frans dan de Belgische leerlingen Nederlands spreken. 
 Onze Belgische medeleerlingen heten Antoine, Brandon et Romain. Antoine neemt een brug die midden in een S-bocht ligt. Na de bocht horen we een duidelijke zucht vanuit de stuurhut. Na de 5000 kCal maaltijd van Philipe en de afwas komen we aan in Conflans. Hier stroomt de Oise in de Seine en gaan we weer in de opvaart.
 
Verdraaid, schipper Pascal is hier echt thuis en heeft de Eiffeltoren al twee keer tussen de bomen door gezien. Voor ons gebeurt het pas als we de laatste bocht in de Seine nemen. Maar dat is dan ook alles meer dan waard.



Clery sur Somme- ecluse de Verberie kmr 83 l'Oise

Maandag, 7 maart 2016

Voor sommigen blijft opstaan onzin. Maar toen we de sluis invoeren stond iedereen aan dek. Het is maandag, dus de sluis draait vanaf 07:00 uur. Het stuurhutdak is zo'n 30 cm verlaagd, hierdoor hoeven we alleen de stuurhut op een neer te doen. Dat moet wel bij elke brug trouwens. Achter in de stuurhut is een brede vensterbank, een 'window-seat' daar kun je met drie man/vrouw zitten. Maar nu lukt dat niet, nou ja, Hylke is de enige. En dus is het een stuk rustiger in de stuurhut, want alleen de schipper op de stoel, en de roerganger op zijn kruk, hoeven niet krom te staan/zitten. Een groepje van vier besluit nog een keer naar de andere sluis te lopen.
 De stuurhut blijft zo laag tot we op de Seine zijn. Dit is nog121 km, dus in ieder geval nog vandaag en het begin van morgen.    De heren zijn goed te spreken over onze chef/kok Philippe. Ze willen hem graag meenemen als additie van het team op de huisvesting, of minimaal de reizen dat meneer Huisman niet mee kan op de Prinses Maxima. Maar schipper Pascal wil hem niet kwijt en heeft de transfersom onbetaalbaar gemaakt. Het trossen lossen in de sluis, over een afstand van 5 meter in de hoogte, is voor de dekploeg van vandaag geen probleem meer. Net als het gooien van de trossen om de bolder steeds vanzelfsprekender gaat. Maar dat is ook niet vreemd, het hagelt musketkogels dus des te sneller de sluispassage over is, des te sneller ze weer naar binnen kunnen. Schipper Visserman noemde dat altijd  een sluisbuitje, nou haal dat -tje er maar van af.                                                                 Binnen wordt de tijd gevuld met trosgooien in het klein, rvs poetsen, wortels schillen en Abdi's schoenen opruimen, maar de overige tijd wordt gedood met kaarten. De Favorieten: Pesten (laat meneer Simpson het maar niet horen), Patience, Dubbelpatience en Oorlogen.
Vandaag een minitunnel, in lengte, 800 meter, maar ook in doorsnede. Het blijft een bijzondere ervaring voor iedereen. Sluis 18 en 19, de laatsten van het Canal du Nord.
Voor Janville lopen we een Spits op. Het is een hele onderneming om voorbij te lopen zonder dat de buurman bereid is af te stoppen. Volgens mij is het schilderwerk van de romp niet alleen wat achteruit gegaan door de smalle sluizen, maar heeft die Spits er ook wat mee van doen. We komen door Janville een waar binnenvaartbolwerk. Lamellen, gordijnen, luiken, deuren en ramen gingen open om te kijken wat er nu weer door de sluis ging. Le patron van de 'bar de ecluse' zwaaide vrolijk.
Eenmaal op l'Oise kunnen we lekker doorvaren. We komen helemaal tot kmr. 83 wat weer een stuk verder is dan we dachten. Het laatste stuk varen we in het donker, en met de stuurhut op stahoogte, het luik om naar buiten te kijken dicht en de kachel aan, is het aangenaam vertoeven in de 'windowseat'.
We zouden dinsdagnacht in Parijs kunnen aankomen. Het enige dat tegenzit is de aangemelde staking en de hoge waterstand op de Seine. We zullen het beleven. 
Tot morgen!



Canal du Nord, sluis 1 - Clery sur Somme

Zondag, 6 maart 2016

Verdraaid de verkeerde wekker uitgezet. Dus die van 05:25 ging gewoon. Toch pas om 07:00 op en ontbijten, zalig! Na drie dagen aan boord krijgen we een toespraakje van de schipper. De schoenen bij de deur zijn net een 'bordelle' die moeten netjes in een rijtje. De bedden vandaag wel netjes opgemaakt en de kamers opgeruimd, dusniet zo als gister. Hier en daar wordt een zondaar berispt, dat mag want het is zondag.
Vandaag gaan we door het Canal du Nord waar we maar 30 cm speling boven het dek hebben. Dus als we onthoofding of in een minder erg geval een flinke bult op het hoofd willen voorkomen, mogen we niet op het roefdak of het dak van het dagverblijf lopen.
Bijzonder vandaag is ook dat we door de tunnel gaan het 'souterrain de Ruyaulcourt' met zijn 4354 meter, een zitoefening.
 
Het werkwoord van vandaag is 'passer la serpillère' wat dweilen betekent. Onze mannen zijn goed in puinruimen als het om vaat en de algemene ruimten gaat. Maar hun eigen 'mancaves' zijn nog een dingetje ter 'amelioré' (verbetering).

Na met een groot aantal sluizen naar boven geschut te zijn komen we bij de tunnel, we hebben geluk, het licht staat op groen. Elke 10 meter staat er op de bakboord muur een bordje met hoe ver we zijn.                          Halverwege komen we in een wat bredere ruimte, het licht staat op rood, er komt een schip van de andere kant. Daarna nog ééntje. Ze noemen het 'une gare de croisement' daar is ook een enorme luchtkoker, zo tocht het lekker door en hebben we geen last van de uitlaatgassen van ons, en de andere schepen. Er is licht aan het eind van de tunnel, Hylke is er van overtuigd dat hij in de hemel is gekomen. Wederom komt de zon door in de middag.

Aan de andere kant van de berg schutten we af. Met een sluis die ons aan elke kant nog 12'5 cm gunt, hebben we een leuke techniek. Voorop aan stuurboord een steekend, voorop aan bakboord een voorlijn. Zo kun je vanaf het voordek alles regelen. De kont gaat toch nergens heen.
De laatste vier sluizen loopt een deel van de jongens met het schip mee, even een frisse neus halen. De telefoons zeggen 12,5 km gelopen, ik geloof ze.
Vastgemaakt in Clery sur Somme, nog snel even voetballen en dan aan de gevulde omelet, rijst, kip en ratatouille, stokbrood en een frisje.
Er wordt druk gewerkt met de woordenboeken, onze mannen redden zich goed in het Engels maar de gespreksgenoten niet. Dus wordt er geïnvesteerd in de Franse taal. Ik ben trots op ze! Oh ja en onze Belgen leren al een aardig woordje Fries!
Vanavond filmavond, Everest, gelukkig Nederlands ondertiteld.
Tot morgen!

Havré-Canal du Nord

Zaterdag, 5 maart 2016

We liggen in de sluis met een Spits en een Canal du Nord schip. Aan dek is het glad, want het vriest. We zijn als eerste aan de beurt want gister toen we aan kwamen varen, een half uur voor het einde van de bedieningstijd, had de sluiswachter besloten dat hij naar huis wilde. 
7:00uur en al twee sluizen gehad. De ene met 10 meter verval, de andere met 5 meter. We hebben een nieuw leerdoel, hoe wapper je een tros van een bolder als je 5 meter lager staat. We stellen een bolder voor, boven op het dak van de onderbouw of de machinekamer in Harlingen.
Bij Mons varen we door een hoop viezigheid, net of ze een vuilniswagen hebben leeggekieperd in het kanaal hier. Verder op wordt het weer schoner zegt Pascal. 

Maar op het NMP kanaal drijft niet alleen een hoop plastic maar ook een hele olievlek. Wiebe stuurt. We sturen hier aan boord zonder piloot, dus de instrumenten laten we eigenlijk voor wat ze zijn. Het is op het gevoel de bak door de bocht sturen en proberen niet de kont tegelijkertijd in de wal te drukken. Het is best lastig voor onze mannen om niet 1 of 2 streepjes groen of rood te doen, maar de kop van het schip in de gaten te houden, in de midden te houden, en roer terug te nemen als het schip draait en meer roer te geven als het schip te langzaam draait.
Tijdens de lunch zijn we bij de laatste sluis voor de Schelde. Daar gaan we dus weer in de bergvaart.
Bij de pont de Bleharis is de grens met Frankrijk. Voor onze schipper betekent dat gedoe met de Fransen. Er moet 'tol' betaald worden voor de vaarwegen naar Parijs toe en er moeten papieren overlegd worden.                       Ondertussen, in de sluis, staat Ramero op het achterdek, begeleid door Wiebe en Stijn. Het verval van deze sluis is 5,70 en vanmorgen lukte het niet om het touwtje van de bolder af te krijgen. Maar met een hoop loos in de lijn, en de nodige kriebels in de buik, lukt het nu in 1 keer. ( wel vanaf het roefdak...) Bij de sluis van Fresnes zijn we aan de papieren toe. Het schoolschip moet in de computer, dus onze schipper gaat met een dikke map papieren en zijn beurs. Maar wat voor registratienummer we ook proberen...de computer trapt er niet in en dus kunnen we geen 'tol' betalen. De computer kent de definitie 'bateau ecole' niet.
Om te oefenen met het Frans tellen we de pestkaarten beneden in het Frans. Un, deux, etcettera... De Belgische leerlingen spelen soms ook mee. Tussendoor wordt onze kruiplijn steeds lager. De hekken van de opbouw waren al omgeklapt. De bijboot van de woning naar het achterdek, alleen de schoorsteen van de generator staat nog. 

Ramero is de eerste die alleen de sluis uit mag varen. Zonder boegschroef natuurlijk. Bij het manoeuvreren staan we hier aan boord. We zijn inmiddels in Valenciennes aangekomen. Zonder onze wrijfhoutjes verder te beschadigen vaart Ramero de sluis uit. Applaus!
We gaan het proberen, het Canal du Nord in te varen, elke sluis die we nu nog kunnen pakken is mooi,  want ze gaan gewoon om 20:30 uur dicht en niet eerder open dan 09:00 uur dus dat wordt verplicht uitslapen, schipper Pascal is wat ontstemd, wij wat minder....
Uw verslaggever is wat in mineur omdat ze haar verhalen niet kwijt kan. De Belgische internetkaart was zomaar op, en in Frankrijk heeft ze er nog geen kunnen bemachtigen. Ademhalen, komt tijd, komt raad.                                             De laatste sluis is al even geleden, we varen nu naar Ecluse de Palluel 1.Nog een kilometer of 4. Geen tegenvaart dus hebben we de grote schijnwerper aan. Een beetje smokkelen aan het begin van de nacht kan geen kwaad. 
Tot morgen!



Floreffe-Havré

Vrijdag, 4 maart 2016

Wouter grijp ik nog wel.... Die is na de sluis naar binnen geslopen. Hylke ligt in de stuurhut in kleermakerszit op z'n knieen te tukken, handig zo'n lenig lijf. Om 06:00 ging de sluis open en dus waren we om 05:30 opgestaan en zaten een paar tellen later aan het ontbijt.
We varen met twee wachten de rest van de week. De bakboordswacht moet vandaag vroeg op, morgen de stuurboordswacht. 
Op het voorschip stoppen we in de sluis met het steekend het schip af. Filippe gaat met de jongens mee naar voren en leert ze hoe het moet. Dylan kijkt naar zijn korte vinger en helpt de jongens er aan herinneren dat ze voorzichtig zijn. 
Om 8 uur beginnen de werkzaamheden. De dekploeg trotseert de regen en natte sneeuw en legt de dekwasslang klaar, we spoelen elke dag ook al varen we op zoet water. Binnen wordt een begin gemaakt met de huishoudelijke werkzaamheden. Eén man van de dekploeg is gelukkig en stuurt het schip. De rivier kronkelt en het zweet staat nog net niet op de snor, maar hij hoeft niet naar buiten.
Binnen is alles schoon, dus de binnenploeg heeft het even rustig tot het tafeldekken. Mw. Schuurmans snijdt paprika's voor de broodjes shoarma tussen de middag. Om te zorgen dat de verveling niet toeslaat en er naar de telefoon gegrepen wordt voor een spelletje schieten, leren we hoe je Patience speelt. En dubbelpatience.
Nog drie sluizen en we zijn bij de scheepslift, daar verheugen we ons allemaal enorm op. De sluis van Marchienne heeft een flink verval en dus genieten we van de bolders die meedrijven. Het kanaal ABC geeft wat rust tijdens het sturen, het insturen van de bochten met zo'n lang smal schip is toch een hele onderneming. Voordat de sluis achter ons dicht kon, met 20 cm speling, dreigde de politie een kijkje te komen nemen. Ons vaartijdenboek werd snel bijgewerkt aan de hand van de aantekeningen van de schipper.
De sluis van Viesville is de hoogstgelegen sluis. We zitten straks op 115 meter boven zeeniveau. Tot nu toe zaten we in de bergvaart, nu gaan we in de dalvaart. Hierna volgt de scheepslift.
De regen en de natte sneeuw verdwijnen en de zon komt te voorschijn. Aan bakboord en stuurboord zakt de wal naar beneden al houdt de bak van ons kanaal ons mooi hoog. 
Dan opeens na de bocht liggen we voor de scherpslift. We hebben geluk, er komt net 1-tje onze kant op en dus kunnen we zo invaren. Het is net een grote garage, met zo nu en dan een groepje dikke kabels, en dan bedoel ik dikke, aan de zijkant. De deur sluit achter ons, een nette mevrouw roept iets in het Frans om, en er ontgrendelen een aantal dingen.
Beneden, voor, liggen wat schepen te wachten 74 meter onder ons, we komen snel dichterbij. De top van de kerk ook, en opeens zijn we op dezelfde hoogte. Achter ons kijken we omhoog en zien het kleine poortje waardoor we naar binnen zijn gekomen. Voor ons gaat de deur omhoog en we kunnen verder varen. 
Een warm stokbroodje per persoon, een spelletje dubbelpatience en we slapen voor de sluis van Havré.

donderdag 3 maart 2016

Huy naar Floreffe

Donderdag, 3 maart

Stijn manoeuvreert de kop van de bak netjes in de richting van de stuw. Onze stuurman geeft hem regelmatig een aanwijzing, maar het is duidelijk dat hij al vaak in de juiste richting stuurt. Het is donker geworden terwijl hij stuurde en zo nu en dan staat hij op om beter op de radar te kunnen kijken of om de glinstering van het water te kunnen volgen. De palen gaan er in. We liggen aardig voor paal, lekker hoor, die spudpalen. 
Het was volledig bewolkt toen we na een voorspoedige reis in Huy aankwamen. We werden meteen uitgenodigd voor de lunch, inclusief onze chauffeurs. Na een rondleiding halen we onze bagage uit de bus en auto en zwaaien ons vervoer uit. Voor we het weten zijn we van wal gestoken en varen we onder de eerste bug door.
Vandaag doen we drie sluizen aan, twee op de Belgische Maas en ééntje op de Sambre. Op deze kleine wateren, vergis je niet er varen hier schepen van 110 m, is het passen en meten en omdat in België AIS nog niet verplicht is meldt een ieder zich netjes voor een scherpe bocht in de rivier of bij een sluis die net achter een groepje bomen ligt. De 'stoplichten' in de buitenbocht zijn dan ook geen overbodige luxe.
Twee van de Nederlandse opvarenden werken nog een achterstallige griep weg, eentje komt halverwege de dag alweer boven, de ander komt tijdens het eten snel een nieuw setje paracetamol halen bij onze huisdokter Ramero. En duikt daarna zijn bed weer in.
Bij de derde sluis hoor ik al Nederlandse stemmen door de portofoons en word er actief geholpen, al blijkt het dat elk schip anders is.
Belangrijke plaatsen die we tegenkwamen vandaag waren het huis van meneer Boersma en mount Rushmore.
Groeten van ons beneden de sluis/stuw van Floreffe.