woensdag 9 maart 2016

Clery sur Somme- ecluse de Verberie kmr 83 l'Oise

Maandag, 7 maart 2016

Voor sommigen blijft opstaan onzin. Maar toen we de sluis invoeren stond iedereen aan dek. Het is maandag, dus de sluis draait vanaf 07:00 uur. Het stuurhutdak is zo'n 30 cm verlaagd, hierdoor hoeven we alleen de stuurhut op een neer te doen. Dat moet wel bij elke brug trouwens. Achter in de stuurhut is een brede vensterbank, een 'window-seat' daar kun je met drie man/vrouw zitten. Maar nu lukt dat niet, nou ja, Hylke is de enige. En dus is het een stuk rustiger in de stuurhut, want alleen de schipper op de stoel, en de roerganger op zijn kruk, hoeven niet krom te staan/zitten. Een groepje van vier besluit nog een keer naar de andere sluis te lopen.
 De stuurhut blijft zo laag tot we op de Seine zijn. Dit is nog121 km, dus in ieder geval nog vandaag en het begin van morgen.    De heren zijn goed te spreken over onze chef/kok Philippe. Ze willen hem graag meenemen als additie van het team op de huisvesting, of minimaal de reizen dat meneer Huisman niet mee kan op de Prinses Maxima. Maar schipper Pascal wil hem niet kwijt en heeft de transfersom onbetaalbaar gemaakt. Het trossen lossen in de sluis, over een afstand van 5 meter in de hoogte, is voor de dekploeg van vandaag geen probleem meer. Net als het gooien van de trossen om de bolder steeds vanzelfsprekender gaat. Maar dat is ook niet vreemd, het hagelt musketkogels dus des te sneller de sluispassage over is, des te sneller ze weer naar binnen kunnen. Schipper Visserman noemde dat altijd  een sluisbuitje, nou haal dat -tje er maar van af.                                                                 Binnen wordt de tijd gevuld met trosgooien in het klein, rvs poetsen, wortels schillen en Abdi's schoenen opruimen, maar de overige tijd wordt gedood met kaarten. De Favorieten: Pesten (laat meneer Simpson het maar niet horen), Patience, Dubbelpatience en Oorlogen.
Vandaag een minitunnel, in lengte, 800 meter, maar ook in doorsnede. Het blijft een bijzondere ervaring voor iedereen. Sluis 18 en 19, de laatsten van het Canal du Nord.
Voor Janville lopen we een Spits op. Het is een hele onderneming om voorbij te lopen zonder dat de buurman bereid is af te stoppen. Volgens mij is het schilderwerk van de romp niet alleen wat achteruit gegaan door de smalle sluizen, maar heeft die Spits er ook wat mee van doen. We komen door Janville een waar binnenvaartbolwerk. Lamellen, gordijnen, luiken, deuren en ramen gingen open om te kijken wat er nu weer door de sluis ging. Le patron van de 'bar de ecluse' zwaaide vrolijk.
Eenmaal op l'Oise kunnen we lekker doorvaren. We komen helemaal tot kmr. 83 wat weer een stuk verder is dan we dachten. Het laatste stuk varen we in het donker, en met de stuurhut op stahoogte, het luik om naar buiten te kijken dicht en de kachel aan, is het aangenaam vertoeven in de 'windowseat'.
We zouden dinsdagnacht in Parijs kunnen aankomen. Het enige dat tegenzit is de aangemelde staking en de hoge waterstand op de Seine. We zullen het beleven. 
Tot morgen!



Geen opmerkingen: